Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Bestaanszekerheid in Den Haag

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Bestaanszekerheid in Den Haag

7 minuten leestijd Arcering uitzetten

Bestaanszekerheid was één van de dominante thema’s van de achterliggende verkiezingscampagne. In navolging van de populaire Omtzigt namen politici het woord graag in de mond. Maar wat betekent het nu en hoe kijkt de SGP er naar?

Hoewel op het eerste gezicht een eenduidig begrip, heeft bestaanszekerheid ongemerkt twee betekenissen gekregen.

Een uitleg is: de overheid moet elke achteruitgang van een burger in zijn bestaansmogelijkheden compenseren. De overheid wordt gezien als ultieme verzekering voor geluk, inkomen en comfort. Elk voorstel in deze richting krijgt het stempel bestaanszekerheid mee, wat het in de praktijk onaantastbaar lijkt te maken. De verantwoordelijkheid van de burger die zelf primair verantwoordelijk is om om te gaan met mee- en tegenvallers lijkt compleet verdwenen.

Een andere uitleg is: dat het in een rijk en beschaafd land als het onze voor iedereen mogelijk moet zijn om ‘normaal’ in de dagelijkse behoeften te kunnen voorzien. Bij deze lijn, die de verantwoordelijkheid voor het individu ondertussen overeind laat, voelt de SGP zich meer thuis. Het sluit aan op de ‘hulp aan de behoeftige medemens’, in de woorden van ons beginselprogramma.

Hoe gaat de SGP om met bestaanszekerheid in de politieke praktijk?

Verhoging Minimumloon

14 maart 2024. Op de Kameragenda prijkt de Wet verhoging minimumloon 2024. Als woordvoerder Sociale Zaken en Werkgelegenheid spreek ik me namens de SGP vandaag uit over het plan het minimumloon in 2024 met 1,2 procent extra te verhogen. Op het eerste oog komt het voorstel sympathiek over. Wie zou er tegen het verhogen van de lonen voor de laagstbetaalden zijn? Tegelijk wordt bij de voorbereiding wel duidelijk dat er veel kanten aan een eenvoudige minimumloonverhoging zitten.

Allereerst is het dan goed om achterom te kijken. Hoe heeft het minimumloon zich ontwikkeld in de achterliggende jaren? Ieder halfjaar wordt in ons land het wettelijk minimumloon (wml) standaard geïndexeerd, op basis van de contractloonstijging. Daarbovenop kwam in 2023 al een flinke extra verhoging van ruim 8%. Samen met de reguliere indexatie ging het minimumloon daarmee met 10,15% omhoog. Uitzonderlijk, want sinds de invoering van het wml in 1969 was er niet eerder sprake van een extra verhoging. Daarnaast werd begin dit jaar het minimumuurloon van kracht, zodat werknemers in elke sector per uur hetzelfde minimumloon verdienen. Omdat de situatie daarmee eerlijker werd, heeft onze fractie dit voorstel gesteund. Gevolg daarvan was wel dat het wml in een aantal sectoren nog verder werd opgekrikt. In de afgelopen tien jaar, zo becijferde het Centraal Planbureau, is het minimumloon met 54% gestegen.

Stapeleffecten

De vraag die in dit debat dus voorligt, is of een nieuwe wml-verhoging van 1,2% per 1 juli bovenop de reguliere indexatie van 3,1% gerechtvaardigd is. Ik breng daarom in dat de SGP vindt dat we alles moeten doen om de laagstbetaalden te helpen, maar dat wij ons wel zorgen maken over het feit dat in korte tijd het minimumloon zo fors is gestegen. Waarom? Dat heeft namelijk niet alleen effect op die lage lonen, maar het duwt het hele loongebouw omhoog. De vraag is of we onszelf als Nederland inmiddels niet uit de markt prijzen. Ons minimumloon is nu al het op een na hoogste van Europa (SZW, 2024). En juist dat kan via de boodschappenkar de bestaanszekerheid van de kwetsbaarsten raken.

Bovendien leidden eerdere loonsverhogingen tot een afname van 40.000 mensen uit het arbeidsproces en iedere procentpunt daarbovenop zorgt ervoor dat er nog eens 10.000 mensen minder zullen gaan werken, berekende het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW, 2024). En dat raakt juist ook weer de kwetsbaarste groep werknemers. Zij zijn primair gebaat bij een fatsoenlijke baan, boven een uitkering. Werk is immers een heel belangrijke route naar bestaanszekerheid. Dit alles laat zien dat je in dit debat niet pro-werkgever of pro-werknemer bent, maar dat het aankomt op de precisie van een chirurg.

En dan zijn er ook nog de kleine ondernemers en bedrijven in sectoren die het moeilijk hebben, zoals de detailhandel en horeca. Zij kloppen met regelmaat in Den Haag aan met de boodschap: mag het een onsje minder zijn, ook qua loonkosten? Je zou dat weg kunnen zetten als een gemakkelijke roep vanuit het bedrijfsleven, maar recent onderzoek laat ook zien dat een deel van de ondernemers het ook moeilijk heeft. Zo keert 54% van de kleine ondernemers zichzelf een inkomen uit onder het minimumloon (Qredits, 2024). Die kant van het verhaal krijgt vanuit de linkerkant van de Kamer helaas nauwelijks aandacht.

Een werknemer moet fatsoenlijk betaald worden, zeg ik ook als oud-ondernemer. De arbeider is zijn loon waard (vgl. Lukas 10:7, 1 Tim. 5:18). Zeker als het goed gaat, mag het ook wel wat meer dan moet. Maar we hebben het hier over het door de overheid wettelijk verhogen van de ondergrens. Daarbij moeten we de effecten voor werknemers en werkgevers eerlijk onder ogen zien en wegen. De overheid moet zorgen dat de werk-nemer voldoende overhoudt van zijn salaris, zodat er niet te veel verdwijnt in de staatskas.

Daarom kiest de SGP voor een andere aanpak: niet het brutominimumloon, maar het nettominimumloon moet omhoog. Arbeid wordt in Nederland zwaar belast. Door een structurele en aanzienlijke verlaging van de loon- en inkomstenbelasting gaat het inkomen omhoog, zonder dat de ondernemer daaraan onderdoor gaat.

Bestaansminimum

Sociale minima hebben het krap. Nu voor iedereen de prijzen stijgen, voelen zij dat nog harder in hun portemonnee. Hoewel de inflatie grosso modo gelijk is voor iedereen, is het effect daarvan natuurlijk enorm ongelijk. Daar moet de overheid in het beleid ook rekening mee houden. Daarom wil de SGP dat er werk wordt gemaakt van een fatsoenlijk bestaansminimum, dat regelmatig wordt herijkt. Omdat uit de cijfers blijkt dat met name gezinnen met twee of meer kinderen het zwaar hebben, bepleiten wij verhoging van de kindregelingen. Niet voor niets zorgde Chris Stoffer er vorig jaar voor dat de kinderbijslag vanaf dit jaar met maximaal €21,53 extra omhoog gaat. Daarnaast moet ons publieke sociale vangnet, de bijstand, worden verhoogd.

Belastingstelsel

Bestaanszekerheid gaat ook over ons belastingstelsel. Met zijn fors opgevoerde fiscale prikkels pakt dat met name voor uitkeringsgerechtigden en eenverdieners echt onevenredig hard uit. Je zult maar blind zijn geworden en als gevolg daarvan afgekeurd worden. Een WIA-uitkering volgt. Van een volledig maandsalaris keldert je inkomen naar een uitkering van 75% van het laatste loon.

Maar omdat arbeidsparticipatie de heilige graal is geworden in ons fiscale beleid moet je daarnaast nog eens honderden euro’s meer belasting afdragen dan iemand in loondienst. Net als de eenverdiener loop je de arbeidskorting mis en ga je meer belasting betalen dan mensen met een hoger inkomen. Onrechtvaardig, wat de SGP betreft. Het is hoog tijd dat we hier een einde aan maken en werk maken van een eenvoudig en rechtvaardig belastingstelsel, ook voor uitkeringsgerechtigden en eenverdieners.

Rouwverlof

En wat te denken van de verlofregelingen? Geboorte- en ouderschapsverlof is goed geregeld in ons land, maar rouw lijkt een ondergeschoven kindje. Een vader van een jong gezin die zijn vrouw verliest, heeft het heel zwaar en is niet (meteen) dezelfde energieke collega als voorheen. We moeten bij verlof daarom niet alleen kijken naar lief, maar ook naar leed. Dat is allereerst een verantwoordelijkheid van de werkgever. Maar hier ligt ook een verantwoordelijkheid voor de overheid. In onze wet is nu geen minimumnorm voor rouwverlof vastgelegd, terwijl er wel veel andere (royale) regelingen zijn. Daarom heeft de SGP een initiatiefwetsvoorstel in voorbereiding om dit gapende gat in de wet op te vullen en betaald rouwverlof in de wet vast te leggen.

Tot slot, een vraag: kan de overheid de belofte van bestaanszekerheid eigenlijk wel waarmaken? Dat is maar zeer de vraag. Weten we niet allemaal dat we in deze wereld juist een onzeker bestaan leiden? Volgens mij is de roeping van christenpolitici daarom te doen wat onze hand vindt om te doen en iets te laten zien van Bijbelse afhankelijkheid.

Dit artikel werd u aangeboden door: Wetenschappelijk Instituut voor de Staatkundig Gereformeerde Partij

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 6 juli 2024

Zicht | 98 Pagina's

Bestaanszekerheid in Den Haag

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 6 juli 2024

Zicht | 98 Pagina's