Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Nijmegen [2]

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Nijmegen [2]

4 minuten leestijd Arcering uitzetten

‘Verzoek Nijmegen, ondersteund door Mijdrecht: De classiskosten te verdelen naar de grootte der gemeenten’, stond in oktober 1953 in de notulen van de classis Utrecht. De kosten werden nog niet verrekend aan de hand van het ledental.

‘D e e praeses deelt mee dat dit voorstel al eens eerder gedaan is. Het vindt geen genoegzame ondersteuning. Wel zal, mits een gemeente kan aantonen de classiskosten niet te kunnen betalen, hierin tegemoet gekomen worden’. Dat gebeurde: later behoefde Nijmegen niets meer bij te dragen.

De Saambinder van 16 juni 1955 meldde: ‘De kerkeraad der Gereformeerde Gemeente te Nijmegen deelt mede dat door vertrek van ouderling M. Jordaan naar elders, in zijn plaats tot ouderling is gekozen: C. Baars, Hatertse Veldweg 248 te Nijmegen, en dat thans scriba der gemeente is: M. Verbeek, Groesbeeksedwarsweg 262 te Nijmegen.’ Jordaan was naar Opheusden teruggekeerd, waar hij in 1956 korte tijd diaken was.

Gezelschap

Marinus Verbeek (1912-1988), Nijmegenaar van geboorte, was eerst christelijk gereformeerd. Hij ging de diensten van de Gereformeerde Gemeente bezoeken, en later deed zijn vrouw dat ook. Verbeek was er jarenlang de enige ouderling en las tweemaal per zondag een preek. Over zijn geestelijk leven zei hij: ‘Ik ben zo lang een knecht van Mozes geweest!’ Maar dat was veranderd.

In het Nijmeegse kerkzaaltje bespeelde hij ook het harmonium, maar dat nam zijn zoon Rien van hem over.

Verbeeks bovenhuis was het logeeradres voor predikanten en studenten. ‘Er waren verschillende godvrezende mensen in de gemeente, en die kwamen dan ’s avonds op gezelschap’, vertelde Verbeeks schoondochter. Ook militairen werden er gastvrij onthaald. Als Verbeek met diaken R. van Dam (1917-1992) op huisbezoek ging, legden ze op de fiets lange afstanden af.

Onvergetelijk

Verpleegkundige J. van Belzen (die later ouderling was in Ermelo, Tholen en Woerden) kerkte vanaf oktober 1955 in Nijmegen en vond er zijn vrouw. ‘In het zaaltje stonden wat houten stoelen en een orgeltje. Voor de dienst draaide de ouderling de posters om die aan de muren hingen. Er kwamen amper twintig mensen in de kerk. Als diaken Van Dam er niet was, zei ouderling Verbeek tegen de aanwezige mannen: ‘Wil een van jullie even collecteren?’ Wanneer er een predikant of student was, kwamen we na de dienst bij Verbeek thuis bij elkaar’.

Voor Van Belzen werd het een onvergetelijke periode. ‘Er waren al eerder worstelingen, maar in die tijd stortte de Heere liefde in het hart uit, al kon ik het er zelf niet voor houden. De laatste dienst die ik bijwoonde voordat ik naar Zeist vertrok, was een oudejaarsdienst op 29 december 1959. Onder die preek werd ik opnieuw aan zonde, gerechtigheid en oordeel ontdekt. Ik had er wel willen blijven zitten om meer te horen’.

Advies van de classis

Ds. J.W. Verweij kerkte in Nijmegen in de twintig maanden dat hij als jonge militair in Beuningen woonde, van 1960 tot 1962. ‘Er was onderling een goede band’. Verweij bedankte er voor een verkiezing tot diaken. Later ging hij als student in de gemeente voor.

Op 1 augustus 1962 vergaderde de classis Utrecht. ‘Nijmegen krijgt advies inzake de aankoop van een gebouw om kerkdiensten te houden’. Wat het advies was en of men een gebouw op het oog had, schreef de scriba er niet bij.

Een half jaar later kwam een typisch probleem van kleine gemeenten aan de orde: ‘Nijmegen vraagt of indien in een vergadering van manslidmaten waarin verkiezingen plaatshebben, meer dan de helft der manslidmaten afwezig is, de stemming toch kan doorgaan. Mits duidelijk afgekondigd, kan tegen het laten doorgaan der stemming geen bezwaar bestaan’.

Aanmerkingen

Financieel had de gemeente het kennelijk nog steeds zwaar, want tijdens de kerkvisitatie in 1966 maakte Nijmegen ‘ernstig bezwaar’ tegen ‘een brief van het Curatorium, waarin de gemeenten werd geadviseerd om een student voor twee diensten op zondag f 150,- te betalen’. De visitatoren maakten in Nijmegen aanmerking op ‘het tellen der kollekten door één man, het niet houden van kerkeraadsvergaderingen en het niet-houden van censura morum vóór het H. Avondmaal’.

Voorjaar 1966 werd Nijmegen overgeheveld van de classis Utrecht naar de classis Barneveld. Dat was dichterbij, maar voor de aanwezigheid tijdens de vergaderingen maakte het geen verschil: soms was er geen enkele afgevaardigde uit Nijmegen, soms alleen een diaken.

Dit artikel werd u aangeboden door: De Saambinder

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 juni 2020

De Saambinder | 24 Pagina's

Nijmegen [2]

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 juni 2020

De Saambinder | 24 Pagina's