Bijbelse namen
Bijbelse namen zijn tegenwoordig opvallend populair, althans voor jongens. Uit de gegevens van de Sociale Verzekeringsbank die de kinderbijslag uitbetaalt, bleek dat vorig jaar de vijf meest gegeven jongensnamen van Bijbelse herkomst waren.
De naam Noah, de Engelse versie van Noach, stond in dat rijtje bovenaan. Daarna kwamen Lucas, Sem, Daan en Levi. In Amsterdam stond Adam op de tweede plaats. Maar daar kwam Mohammed ook voor onder de meest populaire jongensnamen. Amster- dam is nu eenmaal een stad met een grote islamitische bevolking.
Wat zegt die populariteit van Bijbelse namen? Niet veel, maar wel iets. In die naamgeving werkt het christelijk verleden van onze maatschappij altijd nog door. Waarschijnlijk beseffen de meeste ouders niet dat ze hun pasgeborene een naam geven met een Bijbelse herkomst, maar ze doen het wel.
In het algemeen wordt de keuze van een naam tegenwoordig sterk beïnvloed door internationale trends. Typisch Hollandse jongens- en meisjesnamen zijn niet meer zo in trek, Maar ook in die Europees-Amerikaanse trends werkt het christelijk verleden door.
Bewuste keuze
Hoewel exacte cijfers ontbreken bestaat wel de indruk dat ook in orthodox-protestantse kring Bijbelse namen tegenwoordig erg in trek zijn. Zowel voor jongens als voor meisjes is de afgelopen decennia het gebruik van Bijbelse namen duidelijk toegenomen. Dat zal een bewuste keuze zijn geweest. Het is ook mooi als de ouders daarvoor kiezen. En dat in de hoop en met de bede dat hun kind bij het opgroeien ook iets van de godsvrucht en de levenswandel van deze Bijbelse figuur zal vertonen. Daarentegen is het vernoemen van het voorgeslacht ook onder ons duidelijk afge- nomen. Vroeger waren daar strikte regels voor. Als iemand bij het vernoemen was overgeslagen dan kon je er bijna altijd wel vanuit gaan dat daar wat achter zat. In dat vernoemen zat wel iets moois: de verbondenheid met het voorgeslacht kwam daar- mee tot uitdrukking en inzonderheid wel het eren van de wederzijdse ouders. In de Bijbel komen we die gewoonte ook tegen rond de geboorte van Johannes de Doper. De buren en de familie kunnen het niet begrijpen dat hij Johannes moet heten. Die naam komt immers in de hele familie niet voor. Maar toch geldt: ‘Johan- nes is zijn naam’ (Luk 1:63). Elisabet en Zacharias wisten heel goed waarom dat zo moest zijn. In andere Bijbelse tijden bestond die gewoonte van het vernoe- men kennelijk niet. Jakob had twaalf zonen maar hij noemde er niet een naar zijn vader.
Roepnaam
In Nederland wijken de roepnamen soms erg af van de officiële naam die bij de geboorteaangifte is opgegeven. Bijvoorbeeld omdat men opa of oma wel wil vernoemen, maar tegelijkertijd vindt dat dat tegenwoordig geen naam meer is waarmee je je kind door het leven kunt laten gaan. Soms is dat nog goed te begrijpen ook.
De officiële naam van een kind is echter ook de naam waarmee het in Gods huis gedoopt wordt. In vrijgemaakte kring is weleens de vraag opgeworpen of het wel juist is als er zo’n groot verschil bestaat tussen de doopnaam en de roepnaam. Bij de doop wordt immers Gods Naam aan onze naam verbonden en mag die doop- naam dan heel anders zijn dan de naam waarmee het kind dagelijks genoemd wordt? In ieder geval is dat iets om eens over na te denken.
Rooms-katholieken hadden vaak veel voornamen. Soms wel vier of vijf. Dat kwam omdat ze ook naar allerlei heiligen vernoemd werden. Vanwege de Mariaverering droegen zelfs jongens de naam van Maria. Tegenwoordig zijn in bepaalde bevolkingsgroepen filmsterren en sporthelden in trek en laat men zich bij de keuze van een naam voor de jonggebo- rene daardoor leiden. Dat is allemaal niet ter navolging.
Zondag 12
Met zijn naam onderscheidt een mens zich van anderen. Binnen de gemeenschappen waarvan hij deel uitmaakt, is hij daardoor gemakkelijker herkenbaar en ook aan- spreekbaar op zijn doen en laten. Op die manier kan hij of zij ter verantwoording worden geroepen. Maar als het gaat om namen en naamgeving is de belangrijkste vraag die van Zondag 12 van de Heidel- bergse Catechismus: ‘Maar waarom wordt gij een christen genaamd?’
Dan gaat het niet om het christen zijn in de brede zin van het woord, waarbij men christenen onderscheidt van moslims, hindoes en andere godsdiensten. Dan gaat het niet om mensen die slechts roemen in een Jezus van vijf letters. Maar dan gaat het om hen die door het geloof een lidmaat van Christus zijn geworden en alzo deelhebben aan Zijn zalving. Het belang- rijkste in ons leven is dat we die naam met recht mogen dragen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 januari 2022
De Saambinder | 20 Pagina's

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 januari 2022
De Saambinder | 20 Pagina's