Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Tegenstem tegen nationale zelfverheerlijking: Willem de Clercq over Van der Palm (III, slot)

Bekijk het origineel

Tegenstem tegen nationale zelfverheerlijking: Willem de Clercq over Van der Palm (III, slot)

6 minuten leestijd Arcering uitzetten

De voorstellingen van De Clercq sloten aan bij wat hij daadwerkelijk om zich heen had gehoord. Van de ene kant kwam er aan het gejubel en de instemming geen einde, van de andere kant hoorde hij diepe afkeuring over dit feest van zelfvergoding, van dit roken op de hoogten (dit was natuurlijk een verwijzing naar de afgodendienst van de Israëlieten), en zelfs had hij horen spreken over een plan het Evangelie door het rationalisme, deze dochter van de Verlichting, te vervangen. Dit alles werd bovendien in verband gebracht met het feest dat in 1823 in Haarlem ter ere van Laurens Janszoon Coster was gehouden, en waar, evenals op andere dergelijk feesten, de heidense wierook volop opgestegen was.34 Voor-en tegenstanders verschilden dus niet in radicale stellingname. De Clercq vond het moeilijk hier te kiezen of the oordelen, wilde alleen rechtvaardig zijn, maar wel wist hij dat het veel gemakkelijker was zich af te zonderen, te oordelen, dan zich in de strijd te werpen en tegenover de publieke opinie als in haar aangezicht te staan.35 Niettemin nam hij, binnen de bladzijden van zijn Dagboek, wel stelling tegenover hen, niet toevallig de vroegere patriotten, die hun idealen van vrijheid en verlichting aan anderen wilden opleggen ”en eene geloofsbelijdenis wilden afpersen. Wie geeft hun het recht, om in ons hart te willen zien, om ons te dwingen tot hunne eenheid, tot de aanbidding van hunnen afgod, evenals vroeger in 1795 weer van dien vrijheidsboom?”36 Dwang in naam van vrijheid en verlichting bestond evengoed in 1795 en 1828 als in de eenentwintigste eeuw.

Van der Palms rooskleurige voorstelling van de Nederlandse nijverheid hinderde De Clercq zeer. Zijn ziel getuigde dat dit niet waar was, en dat alle roem die niet volstrekt in God is, op menselijke wijsheid en verstand berust, Hem geen welbehaaglijke offerande kan zijn. Hij erkende dat van Van der Palm bij een gelegenheid als deze niet verlangd kon worden als een boeteprediker op te treden maar hij had beter niet zo kunnen roemen. Tot bewijs hiervan verwees De Clercq naar de grote werkloosheid waardoor duizenden jongemannen die zo graag op eerlijke wijze hun brood wilden verdienen niet in staat waren een gezin te stichten, en hij nodigde Van der Palm uit met hem eens door de straten van Leiden te wandelen. Overal zou hij dan de tekenen van toenemende armoede kunnen waarnemen en het zou hem wel eens moeilijk kunnen vallen nog bloeiende takken van nijverheid te ontdekken, terwijl ook een wandeling in Amsterdam, eens de koopmarkt van Europa, een al even treurig beeld zou opleveren.38

Zo rees de vraag of onze staat inderdaad bloeiend is. Het antwoord van De Clercq, die niet God wilde aanklagen maar zichzelf en zijn landgenoten, was verre van positief: “Men dringe door tot het hart des volks, bij hen die op geenen kisten met Effecten hunne hoop kunnen stellen en die nog door het land nog door de inrichtingen bezoldigd worden en men lette op dat verlopen van alle neringen, dat klagen in zoo vele huisgezinnen en dat mislukken der kort beraamde ondernemingen. Dan beschouwe men van den anderen kant die reusachtige ondernemingen, die zoo vele schroeven moeten zijn om een vervallen volksgeluk op te beuren en men vrage of Gods zegen op dezelve rust, of dat zij als bladerrijke boomen wel is waar een schaduw aan velen geven, maar terwijl de worm aan hunne stam knaagt”.39 Bij die reusachtige ondernemingen moet De Clercq hebben gedacht aan de landbouwkolonies van de door Johannes van den Bosch (1780-1844) opgerichte Maatschappij van Weldadigheid (1818).40

Was de toestand van heden verre van gunstig, ook voor de toekomst voorzag De Clercq donkere wolken, bijvoorbeeld instorting van de financiële wereld waardoor de renteniers die nu op het zachte oorkussen van hun coupons waren ingeslapen uit hun sluimer zullen worden gewekt. Mogelijkerwijs zou dan ook in plaats van de zo geroemde eendracht de tweedracht weer opkomen en het nieuwe geslacht met een beschuldigende vinger naar het oude zou wijzen. Maar ieder, zo voegde een ook zelfkritische De Clercq eraan toe, beproeve zichzelf en lette op Gods wegen, op de tekenen van Zijn macht waarvan de ontzettende voorbeelden zich hadden getoond in de rampen en ziekten van de afgelopen jaren, in overstromingen, in de cholera. Bij de overstromingen moet De Clercq hebben gedacht aan die in 1824 en vooral die van 3-5 februari 1825 in Groningen, Friesland, Overijssel en Waterland waarbij circa 800 mensen waren verdronken.41 Wat de cholera betrof: in 1817-1823 was er een pandemie geweest die zich vanuit Azië naar de Perzische Golf had verspreid.42 De Clercq erkende: God is liefde, is goedheid, maar Hij wil gezocht worden op de wegen die Hij voor onze zaligheid heeft aangewezen.43 De weg van een christen voert van lijden naar heerlijkheid.

De voorstelling van Van der Palm van Nederland als een gelukkig en welvarend land kon De Clercq onmogelijk delen en evenmin kon hij meegaan in diens verheerlijking van het vorstenhuis en van koning Willem I voor wie, zo schreef hij ironisch, het wierookvat werd opgeheven en daaruit aan Zijne Majesteit zoveel werd toegediend dat hij moeite zal hebben gehad om niet bedwelmd te worden.44 We weten niet of het de koning misschien inderdaad teveel van het goede is geweest maar wel vermeldde De Clercq nog gehoord te hebben dat de koning bijzonder getroffen was geweest en met tranen in de ogen de kerk had verlaten, hierbij er nog aan toevoegend dat God de harten van de koningen als waterbeken leidt. 45 De Clercqs commentaar is een kritische tegenstem tegen Van der Palms verheerlijking van staatsbestuur en samenleving. Ten diepste is het echter een tegengeluid tegen de verlicht-liberale tijdgeest. Dit paste bij de tegenbeweging van het Réveil waarvan De Clercq een belangrijk vertegenwoordiger was.


34 Dagboek Willem de Clercq (deel XV, 1828), 164. Van der Palm had op de eerste dag van dit feest in de Haarlemse Sint-Bavokerk een redevoering gehouden waarin hij onder meer was ingegaan op de zegen van de boekdrukkunst waarmee Koster naar zijn mening de grondslag voor de verlichting van de mensheid had gelegd. Zie: A. Kagchelland en M. Kagchelland, Van dompers en verlichten. Een onderzoek naar de confrontatie tussen het vroege protestantse Réveil en de Verlichting in Nederland (1815-1826). Delft 2009, 249.

35 Ibid., 164.

36 Ibid., 166.

37 Ibid., 166.

38 Ibid., 166.

39 Ibid., 165.

40 Zie hiervoor: Angelie Sens, De kolonieman Johannes van den Bosch (1780-1844), volksverheffer in naam vcan de koning. Amsterdam 2019. Zie ook: Maritha Mathijsen, ‘Frederiksoord en de droom van een wereld zonder armoede. Landbouwkoloniën in eigen land’, in: Plaatsen van herinnering. Nederland in de negentiende eeuw. Red. J. Bank en M. Mathijsen . Amsterdam 2006, 82-95.

41 M.E. Kluit, Het Réveil in Nederland 1817-1854. Amsterdam 1936, 108-111. Aantal slachtoffers wordt hier niet genoemd. Zie daarvoor het lemma in de Grote Winkler Prins Encyclopedie (1966-1975.

42 https://isgeschiedenis.nl/nieuws/cholera-door-de-eeuwenheen.

43 Dagboek Willem de Clercq (deel XV, 1828), 166.

44 Ibid., 165.

45 Ibid., 167.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 juni 2022

Ecclesia | 8 Pagina's

Tegenstem tegen nationale zelfverheerlijking: Willem de Clercq over Van der Palm (III, slot)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 juni 2022

Ecclesia | 8 Pagina's