Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Een dominee in de gevangenis

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Een dominee in de gevangenis

Het échte geluk

2 minuten leestijd Arcering uitzetten

Moeder Ledeboer heeft ’s avonds aan haar man verteld dat Lambertus zo graag dominee wil worden. Zelf heeft ze weleens een stille hoop. Als ze ziet hoe eerbiedig hij altijd is tijdens het Bijbellezen en bidden... Haar man heeft gezegd dat Lambertus geen handelsman is. Daar is hij veel te zwak. Het is waar, Lambertus is niet sterk, maar dat wil nog niet zeggen dat God hem niet in Zijn dienst zou kunnen gebruiken!’

Vader Ledeboer staat op.

‘Kom, Ant,’ zegt hij, ‘het is niet zo vroeg meer, en ik moet nog een paar brieven in orde maken. Dan wordt het bedtijd.’

Terwijl hij plaatsneemt achter de mahoniehouten secretaire, staart moeder naar de lichtjes van de kristallen lamp.

Wat hebben ze het goed. De Heere heeft hun veel rijkdom gegeven. Beide ouders - zowel die van haar man als haar eigen ouders - stammen uit een voornaam en deftig geslacht. Haar man Bernardus heeft zijn lakenhandel tot grote bloei mogen brengen. Bovendien heeft de Heere hen rijk gezegend met tien kinderen, van wie er nog acht in leven zijn. Ontroerd denkt ze aan hun eerste kindje. Het mocht maar vier jaar oud worden. Elf jaar geleden, in het jaar dat Lambertus is geboren, is hun dochter Wilhelmina gestorven aan roodvonk. Zij was nog maar achttien jaar oud. Nachten heeft haar man Bernardus gewaakt aan haar ziekbed. Haar laatste woorden waren: ‘Vader, nu kunt u mij niet meer troosten, nu moet de Heere Jezus mij troosten...’ Moeder Ledeboer krijgt een brok in haar keel. ‘Dáár komt het toch maar op aan’, zegt ze in zichzelf. ‘Alle rijkdom, eer en voorspoed moeten we toch eenmaal achterlaten.’

Wat hun Wilhelmina mocht hebben, gunt ze ál haar kinderen.

Wanneer ze samen met haar man de dag besluit, smeekt ze: ‘Heere, wilt Ú voor onze kinderen zorgen? Mogen ze allen dát geluk van U ontvangen? En mag Lambertus toch eenmaal Uw dienstknecht zijn...’

Dit artikel werd u aangeboden door: De Saambinder

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 juni 2024

De Saambinder | 24 Pagina's

Een dominee in de gevangenis

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 juni 2024

De Saambinder | 24 Pagina's