Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Luther en de boeren

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Luther en de boeren

4 minuten leestijd Arcering uitzetten

Boerenonrust is deze weken voorpaginanieuws. De plannen van de regering om boerenbedrijven te onteigenen treffen boerenfamilies in het hart. Zij hebben generaties lang alles gegeven voor hun bedrijf.

In een eerder artikel schreef ouderling/ senator P. Schalk invoelend, maar dat de boeren het recht niet in eigen hand mogen nemen. In die lijn schreef Maarten Luther over de boerenopstanden in zijn tijd. Bloedige opstanden braken in 1525 uit, kort na de Reformatie in 1517. Veel van Luthers volgelingen waren boer in Thürin- gen. De Reformatie kreeg door Luthers houding een gevoelige terugslag. Welk standpunt nam Luther in en wat kunnen wij er vandaag van leren?

Uitbuiting

We gaan in de tijd terug naar het begin van de reformatie, rond 1517. Eigenlijk broeide het al jaren onder de boeren in grote delen van Europa. De boerenstand had het finan- cieel erg zwaar. Veel boeren waren een soort lijfeigenen die hun land pachtten van de grote landeigenaren. Om de pacht te kunnen opbrengen, moesten zij bij dag en ontij de akkers van de grote landbezitters bewerken. Pas als regen en onweer dat niet meer toelieten, konden ze hun eigen akker bewerken. De moeizaam verkregen spaargelden werden opgeëist door de steeds hogere pachten. De boeren werden er opstandig van. Luther kende veel boeren uit de omgeving van Thüringen.

Minstens 40% van de gezinnen was arm, ongeveer 15% was aangewezen op bedelarij. Vanaf 1520 braken er regelmatig opstandjes uit.

Vermaning tot kalmte

Diep in zijn hart was Luther op de hand van de boeren. Hij vond dat de landeigenaren meer mededogen moesten tonen: ‘Laat af van uw onderdrukking opdat de arme man ook kan leven’. Intussen deed Luther zijn uiterste best om beide partijen tot bedaren te brengen, zowel in woord als in geschrift. Het mocht niet baten.

In 1524 sloeg de vlam in de pan en kregen de boeren iets fanatieks. Zij vatten hun bezwaren samen in twaalf artikelen (1525). Deze artikelen sloten aan bij Luthers geschrift ”De vrijheid van een christen- mens” (1520). Zoals Luther in opstand was gekomen tegen de paus en de kerk, zo kwamen de boeren nu in opstand tegen de macht van de grootgrondbezitters.

Luther voelde de spanning toenemen en antwoordde hierop met zijn vlugschrift: ”Vermaning tot vrede naar aanleiding van de twaalf artikelen van de boeren”. Hij drong aan op gematigdheid van beide zijden. Enerzijds deed hij een beroep op het geweten van de adel, maar anderzijds ook op het geduld van de boeren en om in geen geval geweld te gebruiken.

Opstandig vuur

Luthers stem bleek echter te zwak. Er kwamen krachten los die hij niet kon bedwingen. De boeren gebruikten onrede- lijk veel geweld. Kastelen werden in brand gestoken en adellijke personen omge- bracht. Hierdoor verknoeiden de boeren hun pleidooi voor rechtvaardigheid. Met name na het bloedbad van Weinsberg (1525) raakten de boeren veel steun kwijt; 70 adellijke personen werden op gruwe- lijke wijze om het leven gebracht.

Luthers aanvankelijke sympathie voor de boeren sloeg om in het tegendeel. In een pamflet sloeg hij een heel andere toon aan: ‘Tegen de moordende en roofzuchtige benden van de boeren’. Ook was hij van mening dat de vorsten de opstand met geweld mochten neerslaan, op grond van Romeinen 13. Luther schreef: ‘Niets is giftiger of duivelser dan een rebel’. Bij Fran- kenhausen kwam het tot een beslissende slag. De onbewapende boeren konden er niets uitrichten tegen de overmacht aan bewapende adellijke legers. Men schat dat uiteindelijk in totaal 80.000 boeren het leven hebben verloren. Verschrikkelijk!

In gesprek

Luthers houding in de Boerenoorlog is vaak negatief beoordeeld. Men beschouwt hem als een conservatief die de middeleeuwse feodale structuur in stand wilde houden. Luther zou de overheid hebben aangezet tot het bloedbad onder de boeren. Dit ver- wijt is onterecht! Luthers bewogenheid met de gewone man was groot en oprecht. Luther voelde wel aan dat er een boos vuur oplaaide in de opstand. Hij noemde het een duivels vuur, dat heel het land in chaos zou doen veranderen. Onrecht moet worden bestreden, maar niet met het zwaard: ‘Want allen, die het zwaard nemen, zullen door het zwaard vergaan’ (Matth. 26:52). Hij schreef: ‘Oproer is redeloos en treft gewoonlijk eerder de onschuldigen dan de schuldigen’.

Wat we er voor vandaag van kunnen leren is dat de overheid zorgvuldig moet omgaan met onze boerenstand. Het is namelijk door de arbeid van de boeren dat wij gezegend worden met dagelijks brood. De boeren zijn door de jaren heen steeds tot aanpassing bereid geweest. Laten anderzijds de boeren ervoor waken dat er geen ‘vreemd vuur’ oplaait.

Dat nooit Uw zegen van ons wijk',

Die maakt alleen ons blij en rijk.

Dit artikel werd u aangeboden door: De Saambinder

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 juli 2022

De Saambinder | 16 Pagina's

Luther en de boeren

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 juli 2022

De Saambinder | 16 Pagina's