Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De volle hand

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De volle hand

4 minuten leestijd Arcering uitzetten

De vijf heilsfeiten willen we eens met elkaar vergelijken. Pinksteren is het vijfde heilsfeit, zoals de duim de hand vol maakt. Zonder de duim wordt er wezenlijk wat gemist. Om het ook voor onze jongeren duidelijk te maken, blijven we bij de vergelijking met onze hand.

We gaan eerst de eerste vier heilsfeiten langs, dus achtereenvolgens Kerst, Goede Vrij- dag, Pasen en Hemelvaart. We beginnen bij de eerste vinger, de pink, het prille begin van de geboorte van het Kind uit de maagd Maria. De Vader Die Zijn Zoon (over)geeft en zendt naar de aarde. De Zoon Die Zich- zelf wil vernederen in de gestalte van een dienstknecht.

Dan het tweede heilsfeit - de ringvinger - het feit van Goede Vrijdag, waarbij de Vader blijft eisen tot in de dood. De Zoon geeft Zich over, tot in de vervloekte kruis- dood. Hij wordt tot zonde gemaakt, is zelfs een vloek geworden.

We tellen verder op onze vingers, en komen bij de derde, de middelste vinger. Dat is het hoogtepunt van Pasen: ‘Ja, wat meer is, Die ook opgewekt is’. Pasen als de aanvaarding van het offer en van ‘het is volbracht’. Aan Vaders gerechtigheid is volkomen voldaan.

De vierde, de wijsvinger, wijst naar de ereplaats in de hemel, als noodzakelijk vervolg op de verhoging van Pasen. Veertig dagen na de opstanding van de Zoon en de opwekking door de Vader worden we naar Boven gewezen. In Zijn glorierijke hemel- vaart vaart Hij op in eigen kracht en wordt opgenomen door Vaders kracht. Deze vier heilsfeiten hangen ten nauwste met elkaar samen.

Vijf vingers

Maar vier is geen vijf. Vier vingers is geen hand vol. Als we naar onze hand kijken, zien we dat de duim op een aparte plaats aan de hand is bevestigd. De duim vormt een wonderlijke aanvulling en is toch een eenheid met de andere vier vingers. Hij is anders, toch zijn ze één. Zonder de duim is de hand niet vol. Wat blijkt de duim ook noodzakelijk, om te schrijven en iets goed vast te houden. Met de duim kun je ook gemakkelijk bij de pink komen, bij alle vier de vingers trouwens, één voor één. Om dit beeld van de volle hand nu verder te gebruiken bij de vergelijking van de heilsfeiten: hoe komt een zondaar bij de kribbe? Ofwel, hoe wordt het Kerst in het hart? Alleen door de Heilige Geest, anders nooit. Hoe komt hij bij het kruis? Ofwel, hoe mag een zondaar delen in het offer van Goede Vrijdag? Door de Heilige Geest. Hoe komt hij bij het lege graf? Hoe deelt hij in de Paasvrede en de Paasvreugde? Door de Heilige Geest. Hoe zoekt hij de dingen die Boven zijn, waar Christus is, zit- tende ter rechterhand Gods? Alleen door de Heilige Geest. Deze derde Persoon en Zijn werking zijn absoluut noodzakelijk. Zo is het vijfde heilsfeit onmisbaar voor de noodzakelijke toepassing in ons hart en leven. Voor de verheerlijking van Gods soevereine genade in Christus Jezus blijkt de Geest onmisbaar.

Voltooien

Vandaar dat dit vijfde heilsfeit het genade- werk van de Vader en de Zoon ‘vol’ maakt, voltooit. Pinksteren is de dag van de uitstorting van de Heilige Geest. Een enig feit, net als de andere vier. Er gebeurt een onomkeerbaar iets. Hoewel Pinksteren in een speciale verhouding staat tot de andere heilsfeiten is het nu totaal anders dan daarvóór. Die vier eerdere heilsfeiten moesten noodzakelijk voorafgaan. Zoals er bij de geboorte van de Zaligmaker iets gebeurde wat er daarvoor niet was, iets wat nooit meer ongedaan gemaakt kon worden: de vleeswording van het Woord, zo was het ook met Goede Vrijdag: ‘Het is volbracht’. En met Pasen: ‘Het is aanvaard’. En met Hemelvaart: ‘de plaats van eer ingenomen’. Maar met Pinksteren is dat alles evenzeer waar! Wat is dan het unieke van het Pinksterfeit? Dat de Heilige Geest op grond van de verdienste en voorbede van Christus door de Vader uitgestort is om in de Kerk te blijven wonen. Hij werkte daarvoor ook, maar zó dichtbij is Hij eerder nooit geweest. En Hij zorgt voor de rijke verheerlijking van de Vader en van de Zoon op een manier als nooit tevoren. De Godsopenbaring vóór Pinksteren is nooit zo rijk geweest als ná de Pinkster- dag. Deze openbaring van de Vader, in de Zoon, door de Geest zal ook nooit rijker en voller (kunnen) worden dan sinds Pinksteren. Zo onuitsprekelijk vol! Vandaar de uit- drukking dat de Geest is ‘uitgestort’, alsof het een waterstroom is die van bovenaf krachtig vloeit. Bij de Heere is geen tekort. Nu nog de dringende vraag: zijn we dorstig naar deze waterstroom? Met een hart en in een land dor en mat, zonder water. En is ons vat leeg?

Dit artikel werd u aangeboden door: De Saambinder

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 juni 2022

De Saambinder | 24 Pagina's

De volle hand

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 juni 2022

De Saambinder | 24 Pagina's