Een mensenkind van God gezonden
Ruim dertig jaar diende ds. Arie Vergunst de Gereformeerde Gemeenten. Op 1 februari 1950 werd hij door ds. L. Rijksen bevestigd als predikant van Zeist. Daarna volgden nog vier gemeenten totdat de Heere hem op 21 november 1981 afloste van zijn aardse post.
Dienen in de wijngaard van de Heere, dat was zijn lust en zijn leven. Al was het wel zo dat hij het begin van zijn ambtelijke bediening zich anders had voorgesteld.
Volgaarne nam hij als kandidaat in de zo- mer van 1949 het beroep van de gemeente Leiden aan om als legerpredikant te wor- den uitgezonden naar Indië. Ongetwijfeld speelde daarbij zijn karakter een rol. De jonge Vergunst had iets avontuurlijks en ook in later jaren had hij een bijna jongens- achtige interesse voor het leger. Maar vooral was hij overtuigd van de geestelijke nood bij de ’jongens’ in Indië.
Enkele maanden later bleek dat de uitzen- ding niet door kon gaan. Het curatorium wees kandidaat Vergunst erop dat hij op grond van de regels die de overheid had gesteld zich moest laten inenten. Dat wilde hij niet en daarom deelde hij de ker- kenraad van Leiden mee het beroep terug te geven. Voor de militairen in Indië was dit een enorme teleurstelling.
Vier jaar in Zeist
De eerste gemeente van ds. Vergunst, Zeist, diende hij vier jaar. Samen met zijn moeder en zijn broer Floor voelde hij zich daar goed thuis. Jaren later schreef hij eens: ‘Zeist was mijn eerste gemeente. Ik was daarheen gezonden om haar te onder-wijzen. Maar zowel van de kerkenraad als van gemeenteleden heb ik -onervaren als ik was- veel geleerd. Zeist was in kerkelijk opzicht niet alleen mijn eerste liefde, maar ook mijn leerschool waar ik praktijkonder- wijs ontving’. Jaren later herinnerde hij zich nog hoe hij in Zeist op pastoraal bezoek bij gemeenteleden kwam en dat hij daar dan stil mocht luisteren naar hetgeen de Hee- re aan hun ziel had gedaan.
Groot was de schok die door Zeist en door het land ging toen begin oktober 1953 ds. Vergunst het beroep naar de Amerikaanse gemeente van Corsica aannam. Sommigen veronderstelden dat de kerkscheuring die zich in dat jaar binnen de Gereformeerde Gemeenten voltrok de reden was. Of- schoon de kerkelijke verwikkelingen ds. Vergunst zeer diep raakten, gaven die toch niet de doorslag. In de Zeister kerkbode schreef hij: ‘Eerlijk betuig ik U, gemeente, dat U van mijn hart gescheurd wordt. De zekere wetenschap dat ik naar Gods bevel moet optrekken, geeft mij ook de kracht om mij aanstonds van u los te maken’.
De gemeente van Corsica in de Ameri- kaanse staat South Dakota telde in 1954 nog geen 150 zielen. Dat was nogal een verschil met de gemeente Zeist die ruim acht keer groter was. Maar dat was niet het enige. Ds. Vergunst moest ook wennen aan de gewoonten van de plattelanders.
Voor de broeders was het bijvoorbeeld geen probleem om in een blauwe of groene boerenkiel naar de kerkenraadsverga- dering te komen. Verschillende praktijken in de gemeente waren naar ‘beste inzich- ten en met goede bedoelingen’ in gebruik geraakt. Maar het was niet allemaal even ordelijk en gepast. Ds. Vergunst moest soms stevig bijsturen. En dat was voor de jonge predikant een hele opgave, zeker omdat de Amerikaanse boeren niet direct gewend of van zins waren hun onafhanke- lijk oordeel of gedrag op te geven.
Lesgeven in de auto
Voor ds. Vergunst was het ook wennen om een kleine gemeente te hebben. Het pastorale werk was beperkt en het dienen van omliggende gemeenten niet iets dat wekelijks kon worden gedaan. Daarvoor waren de afstanden te groot.
Wel kreeg ds. Vergunst binnen de kring van Amerikaanse gemeenten vrijwel di- rect verschillende taken toegeschoven. Een daarvan was het - samen met ds. W.C. Lamain - verzorgen van de opleiding van broeder M. Romeijn die in 1954 werd toe- gelaten. Het leslokaal was niet zelden de auto. Op lange autoritten die ds. Vergunst enkele keren per jaar maakte om andere gemeenten te dienen, gaf hij al rijdende de student onderwijs.
Samen met ds. C. Hegeman onderzocht ds. Vergunst ook de mogelijkheden om vanuit de Amerikaanse gemeenten gestalte te geven aan het zendingswerk, bijvoorbeeld onder de Indianen. In dat kader hadden de twee predikanten ook gesprekken met de hervormde ds. J.R. Cuperus over mogelijke samenwerking met de Gereformeerde Zendingsbond. Later bleek dat het opstarten van zendingswerk onder de oorspron- kelijke bewoners van Amerika nog niet zo eenvoudig was. Intussen hadden de Ne- derlandse zendingsdeputaten de broeders overzee ook laten weten dat zij de dollars goed konden gebruiken.
(wordt vervolgd)
W.B. Kranendonk, Amersfoort
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 februari 2021
De Saambinder | 16 Pagina's

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 februari 2021
De Saambinder | 16 Pagina's