Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De stille Werker op de achtergrond

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De stille Werker op de achtergrond

4 minuten leestijd Arcering uitzetten

Het is een teer onderwerp dat onze aandacht vraagt. Of beter nog: het is een tere Persoon Die onze aandacht vraagt. Het gaat immers om de Heilige Geest, de derde Persoon in de aanbiddelijke Drieeenheid. Beseffen we dat?

Wij denken bij Gods Geest dik- wijls aan een kracht. Maar die Geest is veel meer dan dat. Hij is een Persoon; ja, een Goddelijk Per- soon over Wie we alleen met de diepste eerbied kunnen spreken. We willen bezien hoe Paulus over deze heerlijke Persoon en Zijn werk spreekt. Hij doet dat uiteraard in al zijn brieven (zie bijvoorbeeld 1 Korinthe 2:10-16 en 12:1-11; 2 Korinthe 3:6; Galaten 5:22 en 3:1-5; Efeze 1:13, 2:18-22, 4:1-6, 4:30, 5:18 en 6:17, enz.). We beperken ons echter tot de Brief aan de Romeinen, en dan met name hoofdstuk 8, vers 12 tot 17.

In hoofdstuk 5 van deze indrukwekkende brief wijst de apostel voor het eerst op deze ‘stille Werker op de achter- grond’. Hij schrijft over een hoop die niet beschaamt, ‘omdat de liefde Gods in onze harten uitgestort is door den Heiligen Geest, Die ons gegeven is’ (vers 5). Met die liefde doelt Paulus op de liefde die van God uitgaat. Wanneer die liefde wordt uit- gestort in ons hart, dan kan het niet anders of zij noopt tot wederliefde. Dan wordt de brug achter ons opgehaald en krijgen we een God lief Die wij niet kennen maar ook niet meer kunnen missen. Die uitgestorte liefde verbreekt het hart en verwekt een onuitsprekelijke droefheid naar God over de zonde. Zij doet buigen onder Gods recht en doet ons het vonnis aanvaarden. Het is de Heilige Geest Die in deze weg plaatsmaakt voor Christus als de Midde- laar Gods en der mensen.

Hij is het Die het oog voor Jezus opent en Hem doet kennen in Zijn naturen, ambten, staten en weldaden. Hoe groot is het wanneer Gods lieve Zoon Zich komt ver- klaren aan het hart door Woord en Geest en Zich wegschenkt aan een diepschuldig Adamskind. Hoe wonderlijk is het wanneer de zondaar zich door het geloof dan mag verenigen met Christus. O, de verwonde- ring die dan gevoeld wordt! De liefde die dan het hart doorstroomt! Het is als een nieuwe uitstorting van de liefde Gods door de Heilige Geest.

De remonstranten

Volgens de remonstranten was het geloof louter een daad van de mens. In de bekering zou God ‘geen nieuwe hoedanigheden, krachten of gaven in de wil’ instor- ten. Onze Dordtse vaderen hadden het anders geleerd, zoals blijkt uit hoofdstuk 3 en 4 van de Dordtse Leerregels. In de verwerping der dwalingen, paragraaf 6, citeren zij - naast Jeremia 31:33 en Jesaja 44:3 - dit vers uit Romeinen 5. In de waar- achtige bekering grijpt God diep in het mensenhart in. Hij stort ‘nieuwe hoedanig- heden des geloofs, der gehoorzaamheid en het gevoel Zijner liefde in onze harten’ uit. Het is geen zaak van puur verstandelijke overtuiging, maar van levende bevin- ding dankzij Gods Geest!

In Romeinen 8 gaat Paulus door op het werk van deze Geest. In de eerste 17 verzen wordt Zijn Naam niet minder dan 16 keer genoemd. De apostel heeft het onder meer over mensen die wandelen ‘naar de Geest’ (vers 1 en 4). Hij spreekt over ‘de wet des Geestes des levens’ (vers 2) en over ‘het bedenken wat des Geestes is’ (vers 6). Heel radicaal stelt hij: ‘Maar zo iemand de Geest van Christus niet heeft, die komt Hem niet toe’ (vers 9). Hartinnemend tekent hij het voorrecht van hen in wie de Geest van Christus woont (vers 11). Maar daar komt het dan ook op aan! Dat is onmisbaar voor ons allen!

Pastorale wijze

Het is te begrijpen dat daarmee de vraag oprijst: Hoe kun je dat weten? Kan iemand ervan verzekerd zijn dat hij een kind van God is? Op pastorale wijze gaat de apostel vanaf vers 12 in op deze vraag. Hij wijst op een drietal zaken: in vers 14 op het kenmerk van een ware christen, in vers 15 op de weg die de Heere met de Zijnen houdt, en in vers 16 op het krachtige getuigenis van de Geest. Van elk van deze zaken hopen we iets te zien in de vol- gende artikelen.

(wordt vervolgd)

Dit artikel werd u aangeboden door: De Saambinder

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 mei 2022

De Saambinder | 24 Pagina's

De stille Werker op de achtergrond

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 mei 2022

De Saambinder | 24 Pagina's