Pastorie was vaak kerkelijk, cultureel en sociaal centrum
Boek ”Predikant in Nederland” gepresenteerd
AMSTERDAM - Het predikantschap is in Nederland grondig veranderd. De leraar werd vormingswerker, de catecheet psychotherapeut. In de jaren vijftig wisten we als theologiestudenten feilloos wat we wilden worden. Dominee! Nu willen studenten ‘iets met mensen doen’. Met enkele trekken schetste dr. A. H. van den Heuvel gistermiddag in Amsterdam de ontwikkeling in het predikantschap vanaf 1945.
In het Auditorium van de Vrije Universiteit belegde uitgeverij Kok een bijeenkomst ter presentatie van het boek ”Predikant in Nederland (1800 tot heden)”. De redacteur van de opstellenbundel, de Amsterdamse hoogleraar D. Th. Kuiper, bood zijn collega prof. G. Heitink het eerste exemplaar aan. Heitink merkte in een reactie op dat historici steeds meer leentjebuur spelen bij de sociale wetenschappen.
Dr. A. de Groot, die universitair hoofddocent aan de Rijksuniversiteit van Utrecht was, hield een referaat over het negentiende-eeuwse pastorieleven. Hij voegde aan de titel van zijn verhaal de vraag toe: Een idylle? „De bekende predikant J. P. Hasebroek gaf zo’n idyllische voorstelling van het pastorieleven toen hij in het dorpje Heiloo stond. Vooral in dorpen was de pastorie een kerkelijk, cultureel en sociaal centrum, dat vaak voldoende ingrediënten bevatte voor boeiende romans”, stelde de emeritus-docent.
Dr. De Groot sprak zijn waardering uit voor de tentoonstelling ”Vier eeuwen domineesland” in het Utrechtse Catharijneconvent. „Maar is het domineesleven daar niet te veel als een idylle voorgesteld? De donkere kanten, de conflicten in het predikantsleven, komen weinig aan de orde”.
Prof. dr. J. Th. M. Bank rekende predikanten uit de vorige eeuw tot de culturele elite van de Nederlandse samenleving. „Ex-predikanten bepaalden lange tijd politiek en journalistiek”. Tijdens historisch onderzoek naar Nederlandse predikanten in de vaderlandse geschiedenis viel het de Leidse hoogleraar op dat er veel gelegenheidswerk is verschenen. „De geschiedschrijving wordt sterk bepaald door jubilea”. Ook stuitte prof. Bank op een „merkwaardige en bijna onafzienbare rij levensbeschrijvingen van predikanten. Veel daarvan beschouw ik als hagiografie en daarmee als een protestantse tegenhanger van rooms-katholieke heiligenverering”.
Dr. A. H. van den Heuvel zei dat predikanten tot halverwege de jaren zestig graag geziene personen waren. „Toen waren er nog kerkdiensten waar de koster extra stoelen moest aanslepen. Als studenten hoorden we wel geluiden dat de mentaliteit aan het veranderen was, maar het drong niet tot ons door. De dominee kreeg zijn gezag op de kansel. Wat hij verder deed was een uitwerkng daarvan”. Volgens de voormalige secretaris-generaal van de Nederlandse Hervormde Kerk gaven predikanten in ons land weinig leiding aan het moderne levensgevoel. ”Predikanten werden zo officieren zonder soldaten”.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 12 april 1997
Reformatorisch Dagblad | 40 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 12 april 1997
Reformatorisch Dagblad | 40 Pagina's