Zanzibar voor de Zanzibari
Tanzaniaanse regering waarschuwt voor moslimfundamentalisten
Tanzania maakt zich op voor de verkiezingen van eind oktober. Het unieverdrag tussen Zanzibar en het vasteland is als vanouds het hete hangijzer. Ditmaal lijkt de oppositie op het eiland vrijwel zeker van de overwinning. "Zanzibar valt ten prooi aan moslimfundamentalisten", waarschuwt de regeringspartij. Het lijkt er vooral op dat de oppositie religieuze sentimenten gebruikt om economische belangen veilig te stellen.
"De regeringspartij bestaat uit vazallen van het vasteland. Ze verkopen ons eiland aan buitenlanders en verkwanselen onze economie en cultuur. Ik ben het zat dat ze ons uitbuiten. We hadden al lang onafhankelijk moeten zijn!" Mohamed Abdulla Mohamed laat zich meeslepen door zijn verontwaardiging. Hij zegt meer dan hij mag als secretaris van het CUF (Burgerlijk Verenigd Front), de belangrijkste oppositiepartij op Zanzibar. Tanzaniaanse politieke partijen mogen zich niet uitspreken tegen de unie tussen het vasteland en Zanzibar, die door wijlen president Julius Nyerere zelf tot stand is gebracht. In officiële uitlatingen houdt het CUF zich daar dan ook strikt aan.
Maar wie in Zanzibar Stone Town door het labyrint van nauwe steegjes en verscholen pleintjes dwaalt, ontdekt al snel dat een fors deel van de bevolking het hartgrondig eens is met de onvoorzichtige uitval van de partijsecretaris. Op tal van plekken waar CUF-vlaggetjes hangen en deuren beplakt zijn met foto's van partijleider Seif Sharif Hamad, zijn de op muren en schuttingen gekalkte leuzen tekenen aan de wand. "We support United Nations Human Rights Charter", staat er ogenschijnlijk onschuldig. Bedoeld wordt: Ook wij hebben recht op zelfbeschikking. "No peace, no justice": vrede en gerechtigheid worden pas werkelijkheid als Zanzibar onafhankelijk is. Het broeit in de oude Arabische stad.
Met de presidents- en parlementsverkiezingen van morgen in zicht, maakt de regeringspartij CCM (Partij van de Revolutie) zich steeds ongeruster om de groeiende aanhang van het CUF. Als het CUF de deelverkiezingen op Zanzibar wint, zo waarschuwen regeringspolitici met regelmaat, dan komt het eiland in de greep van het moslimfundamentalisme. Want volgens de statuten mag het CUF dan een seculiere partij zijn, met neoliberale en humanistische principes, in werkelijkheid is het een militante moslimpartij, gerund door Arabieren, die het eiland drastisch willen islamiseren, aldus de CCM. Het is immers niet voor niets dat de partijkas van het CUF vooral gespekt wordt door landen als Afghanistan, Oman en Saudi-Arabië. Vrouwen worden door CUF-aanhangers gedwongen zich te sluieren, zo weten CCM-medewerkers te vertellen, en mannen worden onder druk gezet om naar de moskee te gaan.
Sterker nog, waarschuwen regeringspartijfunctionarissen: er dreigt een staatsgreep op het eiland. In 1997 en 1998 werden al achttien CUF-aanhangers gearresteerd, onder wie vier parlementariërs, omdat ze een coup zouden beramen. Tot begin dit jaar zag het ernaar uit dat ook Hamad en secretaris-generaal Shaaban Mloo zouden worden opgepakt. Bovendien doen, sinds beschuldigingen vanuit het kabinet, hardnekkige geruchten de ronde dat het CUF jongeren naar Afghanistan zou sturen om er opgeleid te worden tot terrorist. Het CUF ontkent alles, maar onder het Afrikaanse kiezerspubliek is de twijfel gezaaid.
Arabisch
Het heeft nooit echt geboterd tussen Zanzibar en Tanganyika, het vasteland van Tanzania. Het islamitische specerijeneiland in de Indische Oceaan maakte tot 1963 deel uit van het sultanaat van Oman en heeft zich altijd meer verbonden gevoeld met de Arabische wereld dan met het Afrikaanse continent. Pas na beider onafhankelijkheid en een bloedige staatsgreep, waarbij de zwarte eilandbevolking met steun van het vasteland opstond tegen de Arabische minderheidsregering, kwam het tot de Unie van Tanzania. Duizenden Arabische Zanzibari werden vermoord en tienduizenden anderen vluchtten naar Oman en andere Golfstaten. Maar de Arabieren kwamen terug en vormen nog altijd de economische elite.
Dat de politieke macht in handen is van de CCM, is hun een doorn in het oog. Maar ook een meerderheid van de Afrikaanse Zanzibari, de "shirazi", kreeg al snel bedenkingen tegen de unie met Tanganyika. In 1984 moest het vasteland zelfs troepen naar het eiland sturen om het regime te beschermen en afscheiding te voorkomen. Twee jaar later kon opnieuw een couppoging ternauwernood worden verijdeld. In 1990 verdween de huidige secretaris-generaal van het CUF, Seif Sharif Hamad, voor twee en een half jaar achter de tralies omdat hij een coup zou voorbereiden en de onafhankelijkheid wilde uitroepen.
Onder grote internationale druk verruilde Tanzania begin jaren negentig het eenpartijstelsel voor een meerpartijendemocratie. Maar bij de eerste vrije verkiezingen, vijf jaar geleden, won de zittende regeringspartij niet alleen de verkiezingen voor de Unie, maar ook die voor de deelregering van Zanzibar. Waarnemers constateerden grootschalige verkiezingsfraude op het eiland en het CUF eiste de overwinning op. De regeringspartij weigerde toe te geven. Vervolgens vormde Stone Town vier jaar lang het decor voor opstootjes en botsingen tussen fanatieke moslimjongeren en politie-eenheden. Pas in juni vorig jaar kwam het dankzij bemiddeling door diplomaten van het Britse Gemenebest tot een formele verzoening tussen de partijen.
Toerisme
De regeringspartij maakt zich schuldig aan vuilspuiterij, maar het staat buiten kijf dat Zanzibar wel degelijk militanter en islamitischer wordt, meent Antti Yliverronen. De Fin vestigde zich in 1978 als landbouwkundige op Zanzibar, maar inmiddels runt hij een riant hotel aan een palmenstrand. "Toen ik hier in 1973 voor het eerst kwam, was Zanzibar een slaperig eilandje met uitgestrekte kruidnagelplantages. Men was islamitisch, maar op een nogal losse, ongedwongen manier. De culturele identiteit van het eiland sprak vanzelf, er leek nauwelijks iets aan verandering onderhevig. Toen klapte de wereldmarkt voor kruidnagels in en daarmee de economie van het eiland. De armoede nam enorm toe. De laatste paar jaar is het toerisme opeens "booming business". De Arabieren profiteren daar handig van. Maar het zijn vooral Italianen die hier fors investeren. Iedereen op het eiland weet dat het de maffia is die zich hier in haar witwaspraktijken ongehinderd weet door de corrupte CCM-overheid. De stranden zijn ingenomen door toeristen, de stad is ingenomen door toeristen. De inkomsten stromen naar het buitenland. Zanzibar voelt zich uitverkocht."
"Het eiland wordt steeds islamitischer", constateert Yliverronen. "Je ziet meer gesluierde vrouwen en meer moskees. Daarom groeit de aanhang van het CUF ook; zij maken meer ernst met de islam dan de moslims van de CCM. Sommige geestelijke leiders willen af van de halfnaakt rondlopende toeristen en roepen dat alle hotels moeten sluiten. Daar is het CUF te verstandig voor. Hun kader bestaat grotendeels uit de economische elite en die beseft heel goed dat het toerisme nodig is om harde valuta te verkrijgen. Maar het CUF sympathiseert wel nadrukkelijk met de fundamentalisten. In 1993 nam hun leider Hamad het zelfs op voor een imam die invoering van de sharia bepleitte."
Maar dat het CUF een staatsgreep voorbereidde, acht de Fin onwaarschijnlijk. "Als ze de verkiezingen afwachten, komen ze vanzelf aan de macht. Waarschijnlijk zelfs met tweederde meerderheid. In dat geval kunnen ze de grondwet veranderen en meer autonomie claimen binnen de unie."
Campagne
Het is nog een hele toer voor Jussa om een interview met Seif Sharif Hamad te regelen. De partijleider is continu op campagne, zowel op het vasteland als op Pemba en Zanzibar. Na twee dagen wordt er een gaatje gevonden in de agenda. Hamad zal die morgen met de boot terugkomen van Pemba en 's middags campagne voeren in het dorpje Nungwi, op de noordpunt van Zanzibar. Tijdens de lunch bij hem thuis en de lange autorit naar Nungwi -ver is het niet, maar de weg is afschuwelijk- is hij in de gelegenheid vragen te beantwoorden.
Hamads huis is bomvol als de partijleider arriveert en het Swahili-middagmaal wordt opgediend op het grote tapijt in de woonkamer. Aan de muur hangen gekalligrafeerde koranteksten en foto's van de heilige Ka'bah in Mekka. Alle gasten zijn mannen. De vrouwen van het huis eten na afloop van wat er is overgebleven. "Folklore", zo doet Hamad het met een brede glimlach af. "Zo zijn we dat hier gewend. We houden van onze tradities, de vrouwen misschien nog wel het meest."
Om de beschuldigingen van moslimfundamentalisme en coupberamingen moet de partijleider smakelijk lachen. "Als ze bewijzen hebben, komen ze me maar arresteren. Ons kader bestaat uit redelijke, ontwikkelde mensen. Velen van ons hebben in het buitenland gestudeerd. Wij zullen echt niet naar wapens grijpen."
"Laat ik twee misvattingen uit de weg ruimen", zegt hij op geduldige toon. "Het CUF is geen nationalistische Zanzibar-partij. Ook in Tanganyika voeren we volop campagne. We hebben een goed doortimmerd program voor héél Tanzania. Het is gestoeld op het principe van "Utajirisho", wat een derde weg is naast kapitalisme en socialisme. Het gaat uit van een vrijemarkteconomie, maar de overheid dient een aantal sociale randvoorwaarden te garanderen. Armoedebestrijding, onderwijs, mensenrechten -waaronder zelfbeschikkingsrecht- en het beschermen van traditionele normen en waarden zijn daarin erg belangrijk. Dat is een maatschappijvisie die we graag op heel Tanzania zouden toepassen.
In de tweede plaats is het CUF géén moslimpartij. We vinden het belangrijk dat de verschillende groepen in een Afrikaanse samenleving hun eigen identiteit kunnen behouden, ook als we participeren in de wereldeconomie. Hier op Zanzibar betekent dat het behoud van de Swahili-cultuur. Die is inderdaad overwegend islamitisch. Het is waardevol dat Zanzibar die eigen identiteit bewaart."
"Het onderwijs speelt daarin een grote rol", zegt Hamad. "Begrijp me goed: we zijn voor openbaar onderwijs, maar hier op Zanzibar betekent dat toch dat het een islamitisch karakter zal hebben. Onze taal is niet Engels, zoals op het vasteland, maar Kiswahili. We moeten ons kleden als Zanzibari, niet als Afrikanen, en zeker niet als de toeristen. De bouw van moskees dient te worden bevorderd. We moeten cultureel niet opgaan in het vasteland."
Als de wenselijkheid van een onafhankelijk Zanzibar ter sprake komt, ontstaat er enige beroering tijdens de maaltijd. Blikken schieten over en weer. Jussa glimlacht ontwapenend. Hamad maakt een breed, geruststellend gebaar. "Het is waar dat ontzettend veel Zanzibari een eind zouden willen maken aan de unie met Tanganyika. Maar dat is niet het officiële beleid van het CUF." Hamad weet heel goed dat zijn partij dan grondwettelijk verboden zou worden. "Aan de andere kant", gaat hij verder, "zijn wij democraten in hart en nieren en dus groot voorstander van referenda. Als bij een referendum zou blijken dat de mensen niets gemeenschappelijk willen met Tanganyika, dan moeten we dat respecteren."
Economische belangen
Ondanks de nadruk die het CUF in haar uitlatingen legt op het behoud van de islamitische identiteit van Zanzibar, lijkt het er sterk op dat het de partij vooral gaat om meer armslag in het economische beleid. In het verleden moesten Zanzibar en Pemba met lede ogen aanzien dat het leeuwendeel van de winsten op de kruidnagels werd opgestreken door tussenhandelaren op het vasteland. De unieregering had bepaald dat de specerijen niet rechtstreeks vanaf de eilanden mochten worden verhandeld. Daarin kwam pas in de jaren tachtig verandering, toen de kruidnagelmarkt was ingestort. Na een diep economisch dal lijkt Zanzibar nu overeind te krabbelen. Dankzij lage invoerheffingen hervindt het zijn traditionele rol als handelspoort tussen Afrika, Azië en de Arabische landen. Die lage invoerheffingen zijn Tanganyika een doorn in het oog. In mei van dit jaar klaagde de minister van Industrie en Handel, Idd Simba, dat Tanzania hierdoor miljoenen shillings aan belastinginkomsten misloopt. Uit cijfers van de Wereldhandelsorganisatie WTO blijkt dat 88 procent van de Tanzaniaanse textielimport, 84 procent van de suikerimport en 50 procent van de rijstimport via Zanzibar loopt. Op grote schaal is sprake van belastingontduiking, smokkel en dumpimport (onder meer 40 procent van de verwerkte thee op de Tanzaniaanse markt). Met name de suikerimport ligt uitermate gevoelig, omdat de unieregering via hoge importheffingen poogt de vrijwel failliete suikerindustrie van Tanganyika (waarin gedurende de jaren zeventig en tachtig ook voor vele miljoenen aan Nederlands ontwikkelingsgeld werd gepompt) te beschermen.
Het kader van het CUF bestaat uit Zanzibari zakenlieden, die gouden kansen zien. Liefst zouden zij van Zanzibar een vrijhaven maken. De winsten moeten vervolgens op het eiland kunnen blijven, en niet via uniecontributies verdwijnen in het zwarte gat van het straatarme Tanganyika.
"Zanzibar heeft 800.000 inwoners, Tanganyika 30 miljoen", zegt Hamad. "Je hoeft geen econoom te zijn om in te zien dat de Zanzibari onmogelijk genoeg geld kunnen opbrengen om Tanganyika er bovenop te helpen. Het vasteland is een molensteen om onze nek."
Retoriek
Nungwi is een armetierig dorp op het noordelijkste puntje van Zanzibar. Aan de westkant staan luxe vakantiebungalows voor de toeristen. Allemaal in handen van buitenlanders en Afrikanen van het vasteland. Aan de oostkant ligt het oorspronkelijke vissersdorp verscholen onder statige kokospalmen. Zonder water, elektriciteit, school en kliniek. Op de zanderige open plaats tussen de koraalstenen hutten zijn honderden mensen uit de wijde omgeving samengedromd. Er speelt een drumband en de traditioneel geklede vrouwen dansen in de volle zon. Als de Landcruiser van Hamad het terrein opdraait, stijgt er gejuich op. Iedereen stroomt toe om een eerste glimp op te vangen, links en rechts schudt de breed lachende partijleider de handen van bewonderaars.
"We zijn hier om nieuwe partijleden welkom te heten", legt Jussa uit. "Volgens onze lokale medewerkers hebben zich hier 300 nieuwe leden aangemeld." Hij glundert. "In totaal zijn er 350.000 stemgerechtigden op Zanzibar. Meer dan 200.000 van hen zijn inmiddels lid van onze partij. Geloof me, we gaan een tweederde meerderheid halen."
In Nungwi gaat het in elk geval voorspoedig. Na een reeks toespraken worden de lidmaatschapskaarten persoonlijk door Hamad overhandigd. De nieuwe leden worden één voor één afgelezen, waarna ze trots naar voren komen. Sommigen buigen diep voor Hamad, een enkeling salueert, tot grote hilariteit van de omstanders. Hamad maakt kwinkslagen, maar behandelt zelfs de dorpsgek met respect. Tientallen mensen leveren met veel vertoon hun oude CCM-kaart in. Als alle namen zijn opgelezen, blijken er nog méér mensen lid te willen worden. In totaal worden die middag 431 nieuwe leden ingeschreven.
Dan neemt Hamad het woord. Hij spreekt in het Kiswahili, gedreven en met humor. Hij voelt de menigte uitstekend aan en kent hun frustraties. Zijn toespraak is concreet en helder. En aanzienlijk polemischer dan zijn interviews. "Zanzibar heeft recht op vrijheid", houdt hij de dorpelingen voor. "We zijn bevrijd van het koloniale bewind, maar we zijn niet vrij! Onderdrukkers hoeven niet altijd blank te zijn. Het kunnen ook Afrikaanse broeders zijn. We moeten ons ontworstelen aan de onderdrukking!
De CCM richt het eiland door partijpolitiek ten gronde. Maar politiek moet de economie dienen, niet andersom. Zanzibar hoeft niet arm te zijn. Waarom is er geen school in uw dorp? Waarom geen medische kliniek? Als wij aan de macht zijn, beloof ik u een grote omwenteling binnen de eerste honderd dagen. Geef ons de regering en we herbouwen het land! Zanzibar voor de Zanzibari!"
De straatarme dorpelingen voelen zich herkend in hun dagelijkse zorgen en juichen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 28 oktober 2000
Reformatorisch Dagblad | 44 Pagina's

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 28 oktober 2000
Reformatorisch Dagblad | 44 Pagina's